Toolbox

Behoeften in het basisonderwijs

Na een lange periode van groei van de schoolbevolking neemt de behoefte aan plaatsen in het basisonderwijs nu globaal af in het Brussels Gewest. Ondanks die ontwikkeling blijven sommige wijken onder druk staan en hebben ze nog steeds nieuwe schoolplaatsen nodig.

Evolutie in de behoefte aan schoolplaatsen

Tussen 2010 en 2025 werden bijna 31 000 plaatsen gecreëerd in het basisonderwijs in het Brussels Gewest. Die creaties hebben het mogelijk gemaakt om over het algemeen tegemoet te komen aan de behoeften die verband houden met de groei van de schoolbevolking in het basisonderwijs. Er zijn nog ongeveer 5 000 extra plaatsen gepland tegen 2035.

Sinds 2020 is de demografische trend geleidelijk aan het omkeren. Volgens het Federaal Planbureau en Statbel wordt tussen 2024 en 2034 een daling van 16 % verwacht van het aantal kinderen in de basisschoolleeftijd in het Brussels Gewest (zie Cahier nr. 13 van het BISA, 2025). Op termijn zou die ontwikkeling moeten leiden tot een algemene daling van de behoefte aan nieuwe schoolplaatsen.

Er moet echter aandacht blijven voor de ontwikkeling van de populatie van kinderen jonger dan drie jaar, waarvoor in dezelfde periode een relatieve stijging wordt verwacht op gewestelijk niveau (BISA). Daarom is een flexibel beheer van de schoolinfrastructuur nodig, die zich kan aanpassen aan de veranderende behoeften per regio en per periode.

Behoeften die per wijk verschillen

Hoewel het totale aanbod is toegenomen, zijn de nieuwe plaatsen niet altijd gecreëerd waar de behoefte het grootst was. Er blijven territoriale onevenwichtigheden bestaan, die vandaag de dag de voornaamste uitdaging vormen.
Het doel is om een evenwichtigere spreiding van het onderwijsaanbod over het hele gewestelijke grondgebied te garanderen, zodat kinderen naar een basisschool in de buurt van hun woonplaats kunnen gaan, in het kader van de buurtstad.


De onderstaande kaart toont het vastgestelde tekort aan schoolplaatsen in 2023-2024, voornamelijk in de wijken in het noorden en westen van het gewest, in het basisonderwijs.

Hij geeft ook aan hoeveel plaatsen er tegen 2035 gepland zijn, met name in spanningsgebieden. Die projecten zullen het bestaande aanbod versterken, maar zullen niet alle territoriale onevenwichtigheden wegwerken.

Hoe lees ik deze kaart?

De Wijkmonitoring van het Brussels Gewest biedt een indicator, de zogenaamde relatieve opvangcapaciteit, die de capaciteit van een wijk om te voldoen aan de vraag naar onderwijs van haar inwoners evalueert.
- Lichtgroen en lichtblauw (onthaalcapaciteit < 1): de wijk heeft minder schoolplaatsen dan er kinderen in de basisschoolleeftijd wonen.
- Donkerblauw (onthaalcapaciteit > 1): in theorie heeft de wijk meer schoolplaatsen dan kinderen die er wonen.
- Grijze gebieden: onvoldoende gegevens beschikbaar voor een betrouwbare interpretatie.

De gekleurde cirkels geven de geplande schoolplaatsen tussen 2024 en 2035 weer:
- de grootte van de cirkel komt overeen met het aantal voorziene plaatsen;
- de kleur onderscheidt het Franstalige onderwijs (paars) en het Nederlandstalige onderwijs (oranje).

Opgelet: deze indicator houdt geen rekening met zogenaamde “pendelleerlingen”, die buiten het gewest wonen maar naar een Brusselse school gaan. Hij meet alleen de afstemming tussen het aantal beschikbare schoolplaatsen in een wijk en het aantal inwoners in de basisschoolleeftijd.

Anticiperen op de gevolgen van nieuwe vastgoedprojecten

In bepaalde gebieden van het Brussels Gewest zullen grote vastgoedprojecten worden ontwikkeld, wat zal leiden tot een toename van het aantal inwoners.

Door de behoefte aan schoolplaatsen in die gebieden te analyseren, kunnen we anticiperen op eventuele toekomstige tekorten en, indien nodig, de creatie van nieuwe schoolplaatsen rechtvaardigen. Die creaties zijn in de eerste plaats bedoeld om tegemoet te komen aan de behoeften van nieuwe gezinnen, en in het bijzonder van kinderen die basisonderwijs volgen en dus minder mobiel zijn. Ze zijn volledig in overeenstemming met de doelstelling om het lokale schoolaanbod te versterken.

De kwaliteit van de bestaande schoolinfrastructuur behouden en verbeteren

Naast het aantal gecreëerde plaatsen is de kwaliteit van de schoolinfrastructuur een belangrijke kwestie. In het Brussels Gewest zijn schoolgebouwen verouderd, soms overbezet en hebben ze collectieve ruimtes verloren door de noodzaak om snel extra plaatsen te creëren. Renovaties zijn nodig om te voorkomen dat bestaande plaatsen verloren gaan en om elk kind een plaats te garanderen in een kwalitatieve school, in een aangepaste en duurzame omgeving.

Meer weten over de kwaliteit van de schoolinfrastructuur.

Om projectdragers en lokale actoren te begeleiden, kan de Dienst Scholen en Studentenleven (DSS) op verzoek een territoriale analyse verstrekken van de behoeften aan schoolplaatsen in het basisonderwijs tegen 2035, voor een specifiek gebied of een specifieke perimeter van het gewest. Die analyse houdt rekening met de bestaande schoolvoorzieningen, de reeds geplande plaatsen tussen nu en 2035 en de verwachte groei van de schoolbevolking.